Overzicht 22 december 2025 - 4 januari 2026
Overzicht week 22 december 2025 – 4 januari 2026
Belangrijkste nieuws van de afgelopen 2 weken
1. Sterke Amerikaanse economische groei
2. Nederlandse overheidsschuld naar laagterecord
3. VS nemen de Venezolaanse president Maduro gevangen.
4. De Russische oorlog tegen Oekraïne duurt voort. Vandaag is het de 1411e dag van deze oorlog.
Mijn afdronk van het afgelopen jaar
5. Internationaal was 2025 het jaar van de invoerheffingen. Uiteindelijk waren de verhogingen van de Amerikaanse heffingen zeer fors, maar niet zo fors als in april gepresenteerd. De EU besloot geen tegenmaatregelen te nemen. China deed dat wel en kwam ook met uitvoerrestricties voor aardmetalen. De economische effecten van de Amerikaanse invoerheffingen waren beperkter dan eerder verwacht, deels doordat de heffingen na april werden teruggeschroefd, deels door het grotendeels ontbreken van tegenmaatregelen, deels door de economische veerkracht en deels doordat Amerikaanse bedrijven de kostenverhoging door de invoertarieven nog niet volledig hebben doorberekend.
6. Voor het eurogebied was 2025 het jaar waarin het Duitse begrotingsbeleid ruimer werd (direct zichtbaar in de kapitaalmarktrente) en er in NAVO-verband overeenstemming kwam over verhoging van de defensie-uitgaven naar 3,5% bbp.
7. 2025 was het jaar van de AI-boom/zeepbel, met een forse stijging van techaandelen en substantiële investeringen in datacentra.
8. Ondanks de overeenstemming over hogere defensie-uitgaven was 2025 geopolitiek het jaar van de Amerikaans-Europese verwijdering.
9. Voor Nederland was 2025 macro-economisch gezien redelijk saai (opnieuw beperkte groei, enige afname van inflatie en enige toename van de werkloosheid) en budgettair gezien behoorlijk merkwaardig (beraadslaging over de Voorjaarsnota buiten minister-president om).
10. Voor de vervroegde verkiezingen na de val van het kabinet Schoof had rechts plus radicaal-rechts een meerderheid in de Tweede Kamer en na de verkiezingen had centrum plus links de meerderheid.
Mijn verwachtingen voor het komende jaar
11. Internationaal blijft president Trump een bron van grote onzekerheid. Grote nieuwskoppen zijn gegarandeerd. Desondanks verwacht ik aanhoudende gematigde mondiale economische groei.
12. De huidige consensusraming voor Nederland is zo gek nog niet: beperkte economische groei, verder afnemende inflatie en een nog steeds krappe arbeidsmarkt.
13. Ik verwacht een minderheidskabinet in Nederland, waardoor de budgettaire afspraken meer een startpunt dan een eindpunt zullen zijn van begrotingsbeleid.
14. Het overheidstekort zal in de doorrekening van het coalitieakkoord boven de 3% bbp uitkomen.
Om naar uit te kijken in de komende week
15. Nieuws over de Russische oorlog tegen Oekraïne en de vredesonderhandelingen.
16. Reactie van olieprijs en financiële markten op Amerikaanse inval in Venezuela.
17. Consumentenprijzen december, Nederland en eurogebied (woensdag). Afzwakkende inflatie?
18. Amerikaanse werkgelegenheid en werkloosheid, december (vrijdag). Verdere stijging werkloosheid?
De afgelopen 2 weken in detail
Internationaal: economie: macro-data
Wereld:
19. Wereld: PMI industrie is marginaal gedaald van 50,5 in november naar 50,4 in december. (link)
VS:
20. VS: de bbp-volumegroei is opgelopen van 0,9% t.o.v. het voorgaand kwartaal in het 2e kwartaal tot 1,1% in het 3e kwartaal, sterkste groei sinds het 3e kwartaal van 2023 (geannualiseerd liep de groei op van 3,8% naar 4,3%). In het 3e kwartaal trok de groei van de particuliere consumptie en de uitvoer aan, was de investeringsgroei zwak en waren de heftige schommelingen in de invoer voorbij. (link) (link) (link)
21. VS: de industriële productie is in november gestegen met 0,2% t.o.v. de voorgaande maand, na een daling van 0,1% in oktober; acquis voor het 4e kwartaal is nulgroei t.o.v. het voorgaand kwartaal, na een stijging van 0,5% in het 3e kwartaal (zie grafiek hieronder) (link)
China:
22. China: PMI industrie is marginaal gestegen van 49,9 in november tot 50,1 in december. (link)
Eurogebied:
23. Eurogebied: de kredietgroei van bedrijven is opgelopen van 2,9% t.o.v. een jaar eerder in oktober tot 3,1% in november; de kredietgroei van huishoudens liep marginaal op van 2,8% naar 2,9%; de groei van de geldhoeveelheid (M3) is opgelopen van 2,8% naar 3,0% (zie grafieken hieronder) (link)
Internationaal: beleid en politiek
24. VS-Venezuela: VS doen militaire inval in Venezuela, nemen president Maduro gevangen en brengen hem over naar New York. (link) (link) (link)
25. VS-EU: het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken legt aan voormalig EU-commissaris Breton en vier andere Europeanen inreisverboden op vanwege Europese digitale regelgeving. (link) (link) (link) (link) (link)
26. VS-Denemarken: president Trump benoemt speciale gezant voor Groenland, Denemarken protesteert hiertegen. (link) (link) (link)
27. VS: -
28. China: -
29. Eurogebied: Bulgarije is op 1 januari als 21e lidstaat toegetreden tot het eurogebied. (link) (link) (link)
Financiële markten
30. Aandelenmarkten: in de anderhalve week tot oudjaar waren er duidelijke stijgingen in Azië (Shanghai +2,0%; Nikkei +1,7%), beperkte stijgingen in Europa (Stoxx600 +0,9%, goed voor een nieuw all-time-high) en marginale mutaties in de VS. (zie grafiek hieronder).
31. In 2025 namen de aandelenkoersen in lokale valuta het sterkst toe in Japan (Nikkei +26,2%) en was de stijging in Europa wat sterker dan in de VS (Stoxx600 +17,4% versus S&P500 +16,4%), maar met een sterkere stijging voor techbeurs Nasdaq (+20,4%); uitgedrukt in euro’s was de grootste stijging echter in Europa.
32. Sinds eind 2019 waren de gemiddelde koersstijgingen in de VS (vooral de Nasdaq) hoger dan in Europa, zowel in lokale valuta als in euro’s (zie grafieken hieronder).
33. Obligaties: in de anderhalve week tot oudjaar waren de Duitse en Amerikaanse 10-jaarsrentes per saldo stabiel en steeg de Japanse 10-jaarsrente verder, met 0,1%-punt tot 2,1%, hoogste sinds 1993.
34. In 2025 daalde de Amerikaanse 10-jaarsrente met 0,4%-punt, steeg de Duitse rente met 0,5%-punt en de Japanse rente met 1,0%-punt; hierdoor namen de renteverschillen af, maar bleef de Amerikaanse rente duidelijk hoger dan de Duitse rente.
35. In het eurogebied nam de Duitse rente het sterkst toe (0,5%-punt) en de Spaanse rente het minst (0,2%-punt); de Italiaanse rente was zelfs ongewijzigd; hierdoor namen de rentedifferentiëlen met Duitsland af; het Italiaans-Duitse rentedifferentieel was eind 2025 het laagste sinds 2010 en de Italiaanse rente kwam onder de Franse rente te liggen (zie grafieken hieronder). (link)
36. Beleidsrentes: In 2025 daalden de meeste beleidsrentes, in het eurogebied met 1%-punt en in de VS met 0,75%-punt. Uitzondering was Japan met een toename van 0,5%-punt.
37. Olie- en gasprijzen: de Brent olieprijs steeg in de anderhalve week tot oudjaar 0,6% tot 60,9 dollar per vat (zie grafiek hieronder); de Europese gasprijs steeg 0,9% tot 28,4 euro per MWh. (zie grafiek hieronder)
38. Eind 2025 was de olieprijs 18,5% lager dan eind 2024; de gemiddelde olieprijs in 2025 daalde tot 68 dollar per vat, laagste sinds 2020. (zie grafiek hieronder). Eind 2025 was de gasprijs 41,9% lager dan een jaar eerder; desalniettemin was de gemiddelde gasprijs in 2025, van 36 euro per MWh, 5% hoger dan gemiddeld in het voorgaand jaar. (zie grafiek hieronder)
39. Goud: de goudprijs bereikte in de anderhalve week tot oudjaar een nieuw all-time-high, maar daalde desalniettemin in deze periode 0,5%. (zie grafiek hieronder). Eind 2025 was de goudprijs 64,5% hoger dan een jaar eerder, na een stijging van 27,2% in 2024. (link) De zilverprijs bereikte in de anderhalve week tot oudjaar een nieuw all-time-high en steeg per saldo 4,9% in deze periode, ondanks de forse daling op 31 december van 9,4%. Eind 2025 was de goudprijs 142% hoger dan een jaar eerder, na een stijging van 21,3% in 2024 (zie grafiek hieronder)
40. Bitcoin: de bitcoin daalde in de anderhalve week tot oudjaar 0,6%%, tot 29,8% onder de recordprijs begin oktober. Eind 2025 was de bitcoin 6,4% lager dan een jaar eerder, na een stijging van 122% in 2024 (zie grafiek hieronder)
41. Wisselkoersen: in 2025 deprecieerde de Amerikaanse dollar 12,5% t.o.v. de euro, tot 1,18 dollar per euro, de zwakste dollarkoers sinds september 2021; de depreciatie vond vooral plaats in de eerste helft van 2025. De euro apprecieerde niet alleen sterk t.o.v. de dollar, maar ook t.o.v. yen en apprecieerde t.o.v. de Chinese yuan. (zie grafieken hieronder)
Internationaal: macro-ramingen
42. Wereld: -
43. VS: -
44. China: -
45. Eurogebied: -
Nederland: macro-data
46. De bbp-volumegroei in het 3e kwartaal is marginaal opwaarts herzien van 0,4% t.o.v. het voorgaand kwartaal tot 0,5% (van 0,37% naar 0,50%). De opwaartse bijstelling komt vooral door de herziening van de uitvoer. (link)
47. Het winstaandeel is marginaal afgenomen van 36,3% in het 2e kwartaal tot 36,2% bbp in het 3e kwartaal, laagste in 2 kwartalen, 2,5% bbp onder het record van 38,8% in het 1e kwartaal van 2023 en 1,8%-punt meer dan het gemiddelde sinds 1995 (zie grafiek hieronder) (link)
48. De winstmarge is marginaal opgelopen van 15,8% in het 2e kwartaal tot 15,9% in het 3e kwartaal van 2025, hoogste sinds het 4e kwartaal van 2024, 0,3%-punt onder de piek in het 1e kwartaal van 2024 en 0,4%-punt boven het gemiddelde sinds 1995 (zie grafiek hieronder) (link)
49. De stijging van de beloning van werknemers per gewerkt uur is verder afgezwakt, van 5,3% t.o.v. een jaar eerder in het 2e kwartaal tot 5,0% in het 3e kwartaal, kleinste stijging sinds het 1e kwartaal van 2023. (zie grafiek hieronder)
50. Het reëel beschikbaar inkomen van huishoudens (totaal, niet per huishouden, voortschrijdend 4-kwartaalgemiddelde) is opgelopen van 3,2% in het 2e kwartaal tot 3,5% in het 3e kwartaal, sterkste stijging in ruim 23 jaar (sinds het 1e kwartaal van 2002) (zie grafiek hieronder) (link)
51. De spaarquote van huishoudens is marginaal gestegen, van 18,2% van het beschikbaar inkomen in het 2e kwartaal tot 18,4% in het 3e kwartaal, 3,9%-punt boven het gemiddelde sinds 1999 (zie grafiek hieronder).
52. De hypotheekschuld van huishoudens, uitgedrukt in % bbp, is marginaal opgelopen van 79,2% in het 2e kwartaal tot 79,3% in het 3e kwartaal, tweede stijging sinds het 4e kwartaal van 2021 en 28,0%-punt onder de piek in het 3e kwartaal van 2012. (zie grafiek hieronder) (link)
53. De prijsstijging van finale bestedingen is verder afgezwakt, van 1,9% t.o.v. een jaar eerder in het 2e kwartaal tot 1,5% in het 3e kwartaal, laagste sinds het 4e kwartaal van 2023; loonkosten per gewerkt uur leverden in het 3e kwartaal voor het 10e achtereenvolgende kwartaal de grootste bijdrage aan de prijsstijging (1,3%-punt); kapitaalkosten drukten de prijsstijging voor het derde achtereenvolgende kwartaal, in het 3e kwartaal met 0,1%-punt (zie grafiek hieronder)
54. De huizenprijsstijging (verkoopprijzen bestaande woningen) is verder afgezwakt, van 6,6% t.o.v. een jaar eerder in oktober tot 6,1% in november, laagste sinds maart 2024; in november 2024 was de recente piek op 11,9%; maand-op-maand stegen de prijzen in november met 0,3%, na een stijging van 0,5% in oktober en een stijging van 0,9% in november 2024; de maandcijfers zijn niet voor het seizoen gecorrigeerd (zie grafiek hieronder); het aantal verkochte woningen was in november 1,4% hoger dan een jaar eerder; het 12-maandsgemiddelde van het aantal verkochte woningen stijgt sinds januari 2024 en was in november 2025 16,4% hoger dan een jaar eerder (zie grafiek hieronder) (link)
55. De afzetprijzen van de industrie zijn in november gedaald met 0,3% t.o.v. een jaar eerder, na stabiele prijzen in oktober; maand-op-maand stegen de prijzen 0,1% in november, na een daling van 0,4% in oktober. (zie grafiek hieronder) (link)
56. De cao-lonen zijn in december, net als in november, gestegen met 4,7% t.o.v. een jaar eerder. Gemiddeld in 2025 stegen de cao-lonen 5,0% t.o.v. het voorgaand jaar, een afzwakking van de recordstijging van 6,5% in 2024. De loonstijging overtrof in 2025 de consumentenprijsstijging (circa 3,3%). De cao-loonstijging varieerde in 2025 van 3,2% voor onroerend goed (woningcorporaties) en 3,6% voor openbaar bestuur tot 7,4% voor de bedrijfstak informatie en communicatie. (De zwakke stijging voor onroerend goed volgde op een zeer sterke stijging van 12,4% in 2024). In de jaren 2020 tot en met 2025 was de cao-loonstijging (22,5%) marginaal lager dan de consumentenprijsstijging (circa 22,7%); in deze periode varieerde de cao-loonstijging van 25% voor de bedrijfstak onroerend goed tot 17% voor de bedrijfstak cultuur, sport en recreatie (link)
57. PMI industrie is gedaald van 51,8 in november tot 51,1 in december, laagste sinds mei. (link)
Nederland: macro-ramingen
58. In de loop van 2025 waren de ramingen voor de bbp-volumegroei in 2025 en 2026 vrij stabiel; de consensusraming voor de bbp-volumegroei in 2025 was in december 0,2%-punt hoger dan een jaar eerder, waarmee de neerwaartse herziening in april-mei meer dan is goedgemaakt. In de loop van 2024 was de inflatieraming voor 2025 opwaarts herzien met 0,5%-punt en in de loop van 2025 kwam daar nog een opwaartse herziening van 0,2%-punt bij; in de loop van 2025 is de inflatieraming voor 2026 0,2%-punt neerwaarts herzien (deels door beperktere verhoging benzineaccijns op 1 januari 2026); in de loop van 2025 is de geraamde werkloosheid in 2025 per saldo niet herzien en is de raming voor 2026 marginaal (0,1%-punt) opwaarts herzien.
Nederland: overheidsbegroting en politiek
59. Het overheidstekort (gecorrigeerd voor seizoen) is opgelopen van 1,3% bbp in het 2e kwartaal tot 1,6% bbp in het 3e kwartaal; acquis voor het tekort in 2025 is 1,6% bbp, een stijging t.o.v. het tekort in 2024 van 0,9% bbp en een fractie onder het tekort in 2025 geraamd in de Najaarsnota van 1,8% bbp. (zie grafiek hieronder) (link)
60. De oploop van het tekort in het 3e kwartaal kwam doordat de overheidsuitgaven sterker stegen dan de inkomsten. De overheidsuitgaven stegen van 44,2% bbp in het 2e kwartaal tot 45,1% bbp in het 3e kwartaal, hoogste sinds het 2e kwartaal van 2021 (zie grafieken hieronder). (link)
61. De overheidsschuld is verder afgenomen van 42,7% bbp in het 2e kwartaal tot 42,4% bbp in het 3e kwartaal, een nieuw laagterecord; de schuldquote kent een neerwaartse trend sinds begin 2021 (schuld van 53,8% bbp in het 1e kwartaal van 2021) (link)
Mijn verwachtingen voor de Nederlandse economie
62. Mijn verwachtingen komen globaal overeen met de huidige consensusraming
(zie grafiek hieronder).63. Ik verwacht voor Nederland en het eurogebied een beperkte bbp-ontwikkeling in het 4e kwartaal van 2025 en in de eerste helft van 2026, mede door handelsspanningen met de VS. De Nederlandse economische groei zal hoger blijven dan gemiddeld in het eurogebied.
64. Ik verwacht dat de inflatie in het eurogebied en in Nederland in de rest van 2025 en in de eerste helft van 2026 wat verder zal afnemen; daarbij blijft de inflatie in Nederland hoger dan in het eurogebied, al zal dit verschil wel verder afnemen.
65. De Federal Reserve zal in de eerste helft van 2026 de beleidsrente
sverder verlagen. De ECB zal in deze periode haar beleidsrente hooguit nog één keer verlagen.
Mijn favoriete links over de Nederlandse economie en de overheidsbegroting vindt u hier
Mijn favoriete links over de Nederlandse verkiezingen vindt u hier






















































